1 naar 3

Algemene visie en organisatie
Bij de overgang van veld 1 naar veld 3 vindt er een verandering plaats in het groeperen van kinderen. Men stapt af van het jaargroepensysteem en gaat werken in units. Kinderen van verschillende leeftijden werken en leren gedurende de dag met en tussen elkaar. In de ochtend vinden deze activiteiten voornamelijk plaats in de eigen (jaar)groep, in de middag wordt er veelal met heterogene groepen gewerkt. Bij de overgang naar veld 3 vindt er eveneens een omslag plaats in verantwoordelijkheid; het personeel is gezamenlijk verantwoordelijk voor een grote groep kinderen. Hiervoor moet een rooster ontwikkeld worden; wie is waar gedurende de dag en wie is waarvoor / voor welke kinderen verantwoordelijk? En welke regels gelden er op welke plek?

Personeel
Voor het personeel vindt er een omslag plaats in de verantwoordelijkheid voor kinderen. Waar zij eerst verantwoordelijk waren voor hun eigen groep, zijn zij nu gezamenlijk verantwoordelijk voor een grotere groep kinderen. Gedurende de ochtend wordt er, veelal in jaargroepen, aan de basisvakken gewerkt. Het is echter goed mogelijk dat een leerkracht aan meerdere groepen rekenen geeft, omdat men als team besluit te gaan werken met vakkenadoptie. Een leerkracht geeft dan bijvoorbeeld alle lessen rekenen aan alle kinderen ,een ander geeft alle spellinglessen etc. Een voordeel van deze manier van werken is dat leerkrachten meer zicht krijgen op de doorgaande lijn. 'Wat komt er op welk moment aan de orde in de leerlijn van rekenen?' Daarnaast moet het personeel in staat zijn om gedurende de middag met meerdere collega's samen te werken, te leren en te overleggen. Een flexibele houding is gewenst. Leerkrachten en andere personeelsleden moeten in staat zijn om kinderen van verschillende leeftijden en verschillende ontwikkelingsstadia te begeleiden en te ondersteunen. Tot slot worden de rollen van personeelsleden verder uitgebouwd. Waar in veld 1 nog met de functie leerkracht werd gewerkt, ontstaat er taakdifferentiatie in veld 3. Onderwijsassistenten, klasse assistenten en andere betrokkenen worden meer ingezet. In de dagstructuur wordt duidelijk vermeld wie op welk moment een bepaalde rol heeft. Naast de rollen van instructeur en begeleider, worden ook de rollen 'coach'; het voeren van gesprekken met kinderen, en de rol van inrichter van de leeromgeving, steeds belangrijker. Tot slot is uniformiteit in het uitspreken van verwachtingen, regels en afspraken erg belangrijk! Teamleden leren om allen dezelfde pedagogische taal te spreken.

Leeromgeving
Bij het werken in units werken kinderen van verschillende leeftijden met en tussen elkaar. In de ochtend wordt er in jaargroepen les gegeven aan de hand van de methoden, maar in de middag wordt er groepsdoorbrekend gewerkt. Het is sterk aan te bevelen om met elkaar na te denken over de inrichting van de leeromgeving. De leeromgeving moet ondersteunend zijn aan de activiteiten die kinderen doen, dus het automatisme dat kinderen altijd een tafel en stoel nodig hebben om te leren kan verlaten worden. Ook moet de leeromgeving kinderen uitdagen tot leren en moet er bewust gekeken worden naar geluidsrijke en geluidsarme activiteiten. Er zullen aanpassingen in het meubilair gedaan moeten worden. Uitgangspunt is dan steeds het soort activiteit die kinderen doen en welk meubilair daar dan bij hoort. Als je stil werkt aan een schriftelijke oefening vraagt dat een ander soort meubilair dan dat je een samenwerkingsopdracht doet met driedimensionaal materiaal.

Leerinhoud
De overstap van veld 1 naar veld 3 vraagt meer zelfstandigheid van kinderen. Met name op de middag. Kinderen krijgen dan geen les meer in de eigen jaargroep, maar kunnen zelfstandig aan verschillende leeractiviteiten deelnemen / in verschillende hoeken werken. Om zelfstandigheid van kinderen te bevorderen, wordt er vaak gewerkt met planborden, dag- of weektaken. Kinderen hebben ondersteuning en begeleiding nodig bij het leren werken op deze manier. Ook voor leerkrachten vraagt dit een omslag. Kinderen volgen niet meer constant de lessen, maar gaan meer zelfstandig aan de slag. Er moeten afspraken gemaakt worden wat er vastgelegd wordt over de ontwikkeling van kinderen en hoe. Dat is belangrijk om een overload aan administratie te voorkomen. De vraag wat moet er minimaal vastgelegd worden om verantwoord bezig te zijn is daarbij van belang.

ICT
Bij de overstap van veld 1 naar veld 3 wordt meer gebruik gemaakt van het digibord, bijvoorbeeld om lessen interactiever en meer 'op maat' te maken. Daarnaast kan er gekeken worden naar mogelijkheden om kinderen zelfstandig aan digitale stof te laten werken (Rekentuin, Taalzee, Got It). Dit kan bijvoorbeeld worden vastgelegd in een rooster.

Het volgen van leerlingen
In de ochtend wordt er in de jaargroepen aan de basisvakken gewerkt. Op gezette momenten worden methode gebonden en methode ongebonden toetsen afgenomen om de ontwikkeling te monitoren en te volgen. Wanneer een team in de middag groepsoverstijgend gaat werken, is het belangrijk om over de overdracht na te denken. Hoe volg je leerlingen gedurende de middag? Hoe zorg je ervoor dat de basisgroep leerkracht weet hoe kinderen zich ontwikkelen bij de wereld oriënterende en creatieve vakken? Het inplannen van overdrachtsgesprekken of het organiseren van kind besprekingen, zijn hier mogelijke oplossingen voor.

Differentiatie
Bij de overgang van veld 1 naar veld 3 krijgen leerkrachten te maken met kinderen van meerdere niveaus en meerdere leeftijden. Dit vraagt met name in het middagprogramma dat leerkrachten goed in staat zijn om te differentiëren. Hoe zorg je er bijvoorbeeld voor dat een activiteit leerzaam en interessant is voor kinderen van 4 tot 7 jaar?

Leiderschap / professionele leergemeenschap
Bij de overgang van veld 1 naar veld 3 vindt er meer samenwerking tussen teamleden plaats. Naast het praktisch afstemmen met elkaar, vraagt dit ook een verandering in professionele omgang met elkaar. Teamleden moeten leren om meer samen te werken. Meerdere leerkrachten ondersteunen en begeleiden de kinderen uit meerdere groepen. Dit betekent ook dat je elkaar moet vertrouwen. Ook jouw collega is in staat om goed onderwijs aan jouw groep te verzorgen. Communicatie daarover is belangrijk.

School en samenleving
Bij de overstap van veld 1 naar veld 3, is het van groot belang om de ouders te informeren en te betrekken bij de veranderingen. Organiseer bijvoorbeeld een ouderavond waarin je het nieuwe rooster uitlegt, film de dag van een kind of maak een fotoverslag.